Het
maken van astrofoto's
Nieuws
van amateurs
Tips, suggesties en verslagen uit het
'veld'

Een verslag van de Oostzaanse amateur Sidney
Strangmann.
Foto maken? Doe
niet moeilijk...
Veel mensen denken dat het maken van
Maan- en planeetfoto's een ingewikkelde bezigheid is. Ik ben van mening dat het ook
eenvoudig kan, door met eenvoudige kijkers te werken en de foto' s bij de fotovakhandel te
laten ontwikkelen en afdrukken. Wel denk ik dat men met zorg de foto's moet laten
behandelen bij een goede fotograaf, ik heb bijvoorbeeld goede ervaringen met de firma
Camex. De foto's in dit artikel zijn gemaakt met een 115mm Newton-telescoop. met een
brandpuntsafstand van 900mm. De gebruikte montering was een NewPolaris met volgmotor,
tijdens het fotograferen werd er op de sterren gevolgd. De gebruikte oculairs waren
orthoscopisch, voor de Maanfoto's gebruikte ik 12,5 mm en voor de planeten 9mm, waarbij de
projectie afstand in alle gevallen 100 mm was. De gebruikte camerabody was een Practica TL
met P-draad koppeling. Als film gebruikte ik de TMAX 400 ASA wat de opvolger is van de
overbekende Tri-X400. Er is echter wel wat verbeterd vergeleken met de TriX: o.a. kan met
de TMAX beter worden uitvergroot dan met deTri-X, door een fijnere korrelstructuur.
Fotograferen
vanuit de achtertuin
De locatie van waar werd gefotografeerd
was Oostzaan, enwel vanuit mijn tuin en de Twiske polder De situatie is daar niet perfect
omdat Oostzaan aan de noordkant van Amsterdam ligt: dit heeft als resultaat een
behoorlijke lichtverontreiniging. Probeer dan ook te fotograferen bij een zo transparant
mogelijke lucht, hoe minder vochtigheid hoe minder lichtverontreiniging. Echter: lichte
mist kan een teken zijn van een stabiele atmosfeer en dus een goede seeing voor Maan-en
planeten fotografie!
De foto van Jupiter heb ik gemaakt op 27-3-1991. 's avonds om 19.15 uur Het Was oostenwind
bij een temperatuur van 7°C, de locatie was mijn achtertuin. De foto van Saturnus is
genomen op 15-8-1991 's nachts tussen 23.00 en 00.30 uur in de Twiske polder, bij
zuid-westenwind. Het was 12° C en de omstandigheid waaronder deze foto werd genomen was
gewoon slecht. omdat de planeet slechts zo'n 18° boven de horizon uitkwam.
Maanfoto's maken
in zomertijd
De foto van de zuidkant van de Maan is
gemaakt op 20-8-1991 om 21.15 uur. De maan was op dat moment voor 76% verlicht en de wind
was zuidwest bij een temperatuur 15° C. En de foto van het midden van de Maan is gemaakt
op ll-5-1992, de Maan was op dat tijdstip voor 65% verlicht en de wind kwam uit het
zuidwesten bij een temperatuur van 7 graden; genomen vanuit mijn achtertuin. Alle tijden
hierboven vermeld zijn in locale zomertijd behalve de datum 27-3-1991, dit is lokale
wintertijd.
Bij het fotograferen heb ik gebruik gemaakt van de zogenaamde afzwaaimethode: op het
moment wanneer je de draadontspanner indrukt wordt met een zwart stuk karton voor de
telescoopopening, nadat je wacht tot de kijker is uitgetrild, de belichtingstijd
'afgezwaaid'. Bij een belichting van bijvoorbeeld twee seconden zwaai je het karton weg
voor de kijkeropeningen en na twee seconden weer terug. Daarna laatje de
draadontspannerweer los. Dit afzwaaien is zeker nodig bij de Practicabody, omdat hiervan
de sluiter nog een stalen lamelsluiter is.
Nog een handige tip: als je de foto's hebt gemaakt en het rolletje is vol, laat het dan
eerst ontwikkelen, bekijk de negatieven en laat de beste afdrukken. Foto's maken van de
Maan en de planeten is experimenteren en zal je veel mislukte foto's hebben. Maar je leert
van elke mislukking. Ik vind het fotograferen van de Maan en de planeten altijd een
boeiende hobby, en neem de mislukkingen op de koop toe.
Sidney Strangmann
 |
 |
Foto's 1&2:
Saturnus en Jupiter gevangen op TMax zwart/wit film. de opname van Saturnus werd gemaakt
op een meonet dat deze erg laag boven de horizon stond. Turbulentie veroorzaakt dan
vrijwel altijd extra onscherpte. Toch is de vorm van het ringenstelsel rond de planeet
goed te zien.
Jupiter werd onder betere omstandigheden gefotografeerd, waardoor de opname scherper en
contrastrijker is geworden. Beide opnamen zijn gemaakt met een 110 mm Newton-telescoop met
volgmotor.
Kleine objecten zoals deze palneten vereisen een flinke vergroting (oculair projectie) om
detalis zichtbaar te maken. bij kleinere kijkers wordt de lichtopbrengst dan ook al gauw
gering, zodat vrij lange belichtingstijden nodig zijn. |



|